Machine learning is important for autonomous driving. The specialists from Volkswagen want to tap the potential of the quantum computer system to explore new machine learning processes.

Alle auto’s die nieuw of als vernieuwd model op de markt komen, zijn voorzien van rijhulpsystemen. Veel automobilisten zijn niet heel enthousiast, en rijden liever ‘zelf’. Welke systemen zijn het meest gangbaar en wat houden ze eigenlijk in?

1. Adaptieve Cruise Control
Cruise Control is een bekend en breed geaccepteerde vorm van rij-assistentie. Het werkt prima zolang er voldoende ruimte is op de weg. Adaptieve Cruise Control gaat een stapje verder, de auto herkent via zijn sensoren hoeveel afstand er is tot het voertuig voor je en remt automatisch af (indien nodig zelfs tot stilstand) als de voorganger te dichtbij komt. Als de snelheid van de voorganger weer toeneemt, versnelt ook de auto met adaptieve cruise control zich automatisch.

2. Rijbaanassistentie/rijbaanwissel assistentie
De rijbaanassistent herkent de rijstrookmarkering en waarschuwt je of stuurt bij als je over deze lijn dreigt te gaan, zonder je knipperlicht aan te zetten. Hoe dit precies is afgesteld verschilt per automerk, en zelfs per model. Zo kun je in de ene auto nauwelijks iets merken, zo subtiel is de afstelling, terwijl in een andere auto de ‘hulp’ zo stevig is, dat je je er echt van schrikt. De rijbaanwissel-assistentie kan zelfstandig van baan wisselen als je dit met het knipperlicht aangeeft, deze werkt vaak samen met de dode hoek assistentie

3. Dodehoek assistentie/ fietsers en voetgangersdetectie/ achterlangs kruisend verkeer
De dode hoekassistent geeft met een lichtje in je buitenspiegels aan of er verkeer langszij komt. Het helpt dus bij het ‘kijk over je schouder’-moment en is dus vooral van toepassing bij afslaan om een hoek of van baan wisselen. Veel auto’s geven ook een signaal af wanneer een fietser of voetganger zich dichtbij de auto bevindt, zelfs in het donker. Ook auto’s die aan komen rijden als je vanaf een oprit achteruit uitrijdt, kunnen opgemerkt worden. Ook hiervoor wordt alleen een signaal afgegeven. Deze assistenties zijn in de meeste gevallen niet meer dan waarschuwingen. Je dient zelf te reageren. Alleen in geval je bijna tegen een ander verkeersgebruiker aan botst grijpt de auto in met een noodstop, via de ongevallen assistentie.

4. Ongevallenassistentie
Als je zelf goed oplet, zul je deze assistentie zelden of nooit ervaren, maar de assistentie is altijd uiterst alert. De noodstop komt in actie als jij iets over het hoofd ziet waardoor je op het punt staat, betrokken te raken in een ongeval. Het doel van de assistent is het ongeval te voorkomen, of indien dit niet lukt in elk geval minder ernstig te laten zijn. De auto zal zelfstandig hard afremmen maar kan bijvoorbeeld ook de riemen alvast wat strakker aantrekken.

5. Parkeerassistentie/aanhangwagenassistentie
De parkeerassistentie is al een langer bekend voor de luxere auto’s maar is tegenwoordig ook voor middenklasse auto’s beschikbaar. Eenmaal in de parkeerhulp stand voer je uit wat de auto van je vraagt (knipperlicht aan, stoppen, vooruit, achteruit schakelen en gas geven moet je wel zelf doen), maar het besturen en berekenen of het kan doet de auto autonoom.

Het resultaat van het zelfstandig parkeren is erg wisselend bij verschillende modellen, maar je kunt ervan uitgaan dat je er even mee zult moeten oefenen. Meestal zijn duidelijke vakken een wel vereiste. Ook aanhangwagenassistentie maakt zijn intrede. Deze is behulpzaam bij het achteruit rijden met een aanghanger of caravan, en kan de aanhanger zelfs inparkeren. Ook hier zul je even moeten oefenen om vertrouwen te krijgen.